De weg van Golgotha.

N.a.v. het boek "De weg van Golgotha" van Roy Hession. (1950)

Een illustratie van wat onderstaand gedeelte van het boek beschreef...

Boven op de heuvel staat ‑ om de toegang naar de verheven baan te bewaken - het kruis, naakt en onverbiddelijk. Daar staat het scheiding makend in de tijd en tussen de mensen. Aan de voet van het kruis bevindt zich een lage deur, zó laag, dat men moet bukken en erdoor kruipen om aan de andere kant te komen. Het is de enige toegang tot de verheven baan. Daar moeten we doorhen, indien wij vooruit willen komen op onze weg. Deze deur wordt de Deur der Verbrokenen genoemd. Alleen de verbrokenen kunnen de verheven baan betreden. Verbroken zijn betekent: “niet ik, maar Christus”. In ieder van ons woont een trots, hardnekkig “Ik”. De hardnekkigheid begon in de Hof van Eden, toen Adam en Eva, die altijd hun hoofd in overgave aan Gods wil gebogen hadden, hun nek verhardden, een weg zochten om onafhankelijk te worden en probeerden “als God” te zijn. De gehele Bijbel door beschuldigt God Zijn volk van dezelfde hardnekkigheid en die komt ook bij ons tot uiting. We zijn hard en halsstarrig.

We zijn overgevoelig en snel beledigd. We worden prikkelbaar, afgunstig en kritisch. We voelen ons beledigd en zijn niet geneigd om te vergeven. Wij strijden in eigen kracht en trachten door onze eigen inspanning te doen wat aan God moet worden overgelaten. We geven toe aan onze begeerten ‑ en hoe vaak kan dat niet tot onreinheid leiden! Al deze dingen en nog veel meer komen voort uit dat trotse “ik” van binnen. Indien in plaats daarvan ons hart met Christus was vervuld, dan zouden wij niet op dergelijke wijze reageren. Voor we de verheven baan kunnen betreden, moet God dat hardnekkige “ik” buigen en breken, zodat in plaats daarvan Christus regeert. Verbroken te zijn betekent geen rechten te hebben ten opzichte van God en mensen. Het betekent niet uitsluitend de overgave van mijn rechten aan Hem, maar eerder de erkenning, dat ik die niet heb, en alleen de hel verdien. Het betekent niets te zijn en niets te bezitten, dat ik het mijne kan noemen, hetzij tijd of geld, bezittingen of positie.

Ten einde onze wil om te buigen naar de Zijne brengt God ons naar de voet van het kruis en laat ons daar zien, wat de werkelijke verbrokenheid is. Wij zien die gewonde handen en voeten, dat liefdevolle gelaat, met doornen gekroond, en we zien de volkomen verbrokenheid van de Ene, die zei: “Niet mijn wil, maar Uw wil geschiede”, toen Hij de bittere beker der zonde tot de bodem toe leegdronk: De manier om verbroken te worden is dus op Hem te zien en te beseffen, dat het onze zonde was, die Hem daar vastnagelde! Wanneer wij dan de liefde en verbrokenheid van Hem, die in onze plaats stierf, zien, zal ons hart op onverklaarbare wijze milder worden en we zullen verlangen voor Hem verbroken te worden, en we zullen bidden:

O, van mijzelf verlost te zijn,Van ‘t eigen ik gans vrij! 

O, dat het niet meer zij “ikzelf”, Maar “Christus leeft in mij”.

En er zijn er onder ons, die gemerkt hebben, dat God geen gebed spoediger verhoort dan het gebed om door Hem verbroken te worden.

Een voortdurende keuze

Maar laten wij ons toch vooral niet verbeelden, dat wij slechts eenmaal, wanneer wij de deur doorgaan, verbroken moeten worden. Daarna zullen we steeds weer moeten kiezen. God oefent drang op ons uit, maar wij moeten zelf kiezen. Indien iemand ons kwetst of kleineert, staan we direct voor de keus om de geringschatting te aanvaarden als een genademiddel, waardoor wij nog dieper vernederd worden, of om ons weer hardnekkig te verzetten, hetgeen stellig de vrede in ons hart zal verstoren. De gehele dag door zal onze verbrokenheid op de proef gesteld worden en het heeft geen zin verbrokenheid voor God voor te wenden indien wij niet verbroken zijn tegenover hen, die ons omringen. God beproeft ons bijna altijd door middel van andere mensen. Voor christenen bestaan geen “tweede oorzaken”. Gods wil blijkt uit Zijn voorzienig bestel en in Zijn bestel zijn zo vaak andere mensen begrepen, die menigmaal beslag op ons leggen. Indien u bemerkt op een ogenblik niet verbroken te zijn is de enige weg opnieuw naar Golgotha te gaan en op Christus als voor u verbroken het oog te richten en ge zult er vandaan komen met de bereidheid om voor Hem verbroken te worden.

          

Boven de deur der verbrokenen is het kostbaar bloed van de Heer Jezus gesprenkeld. Wanneer wij ons bukken om er door te kruipen, reinigt het bloed van alle zonde. Want we moeten niet alleen bukken om er door te komen, maar we moeten ook rein zijn, want alleen de reinen kunnen de verheven baan bewandelen. Misschien hebt u de Heer Jezus nooit als uw Redder gekend, misschien kent u Hem al jaren, maar in beide gevallen bent u verontreinigd door de zonde, zonden zoals hoogmoed, afgunst, wrok, onreinheid, enz. Indien gij ze alle in de hand wilt stellen van Hem, Die ze alle droeg op het kruis, dan zal Hij u weer toefluisteren, wat Hij eens aan het kruis heeft uitgeroepen: “Het is volbracht’, en uw hart zal gereinigd worden, witter dan sneeuw.

 

Bijbeltekst verbeeld

Schilderijen aan Het Woord...